Gasmeten besloten ruimte: O2, LEL en toxische gassen

Voordat iemand een besloten ruimte betreedt, meet een deskundige drie dingen: het zuurstofgehalte (OX), brandbare gassen en dampen als percentage van de onderste explosiegrens (EX of LEL) en giftige stoffen (TOX). Volgens het advies van Volandis moet de zuurstof tussen 18 en 21 volumeprocent liggen, brandbare gassen onder 10 procent van de LEL en giftige stoffen onder de wettelijke grenswaarde. Pas daarna mag de ruimte vrijgegeven worden.

Hieronder leest u wat elke meting betekent, wie mag meten, hoe vaak en wat u als opdrachtgever moet regelen.

Waarom gasmeten verplicht is

In een besloten ruimte kunnen zich gassen ophopen of kan zuurstof verdrongen worden zonder dat iemand het ruikt of ziet. Het Arbobesluit bevat in artikel 3.5g regels voor gevaar voor verstikking, bedwelming, vergiftiging, brand of explosie.

De overheid schrijft op Ondernemersplein dat een deskundige de ruimte moet controleren en meten op gevaarlijke stoffen. De werknemer mag pas naar binnen als de deskundige zegt dat er geen gevaar is.

De drie metingen: OX, EX en TOX

OX: zuurstof

Zuurstof wordt als eerste gemeten, voor de andere metingen. Volandis noemt die volgorde expliciet in het advies over besloten ruimten.

  • Te weinig zuurstof: verstikkingsgevaar. Zuurstof kan verdrongen worden door bijvoorbeeld stikstof bij inertiseren.
  • Te veel zuurstof: verhoogd brandgevaar. Volandis geeft als voorbeeld dat bij 30 volumeprocent zuurstof een katoenen overall na één vonk binnen een minuut volledig kan verbranden.

EX: brandbare gassen en dampen (LEL)

LEL staat voor Lower Explosive Limit, de onderste explosiegrens. Onder die concentratie is het mengsel te arm om te ontsteken. De meter geeft de waarde aan als percentage van de LEL.

Volandis hanteert als voorwaarde voor betreden een concentratie lager dan 10 procent van de LEL. Bij heetwerk in of rond de ruimte stellen sites vaak eigen, strengere eisen in de werkvergunning.

TOX: giftige gassen, dampen en stof

Welke giftige stoffen u meet, hangt af van wat er in de ruimte heeft gezeten of kan vrijkomen. Denk aan restproduct in een tank, reacties van roestlagen of gassen uit aangrenzende leidingen. De concentratie moet onder de wettelijke grenswaarde liggen.

Vertrouw nooit op uw neus. Zwavelwaterstof (H2S) ruikt bij lage concentraties naar rotte eieren, maar verlamt bij hogere concentraties het reukvermogen. Dan ruikt u niets meer terwijl het gevaar juist groter is.

Overzicht vrijgavewaarden

Meting Voorwaarde voor betreden (Volandis)
Zuurstof (OX) 18 - 21 vol.%
Brandbare gassen en dampen (EX) lager dan 10% van de LEL
Giftige stoffen (TOX) lager dan de wettelijke grenswaarde

Uw site of opdrachtgever kan strengere waarden voorschrijven. De werkvergunning is altijd leidend.

Wie mag meten?

Volandis noemt als deskundige een arbeidshygiënist, veiligheidskundige of gasmeetdeskundige. In de industrie wordt de meting vaak uitgevoerd door iemand met het diploma Gasmeten uit de SSVV-opleidingengids.

Die opleiding heeft als leerdoel het op verantwoorde wijze uitvoeren en interpreteren van EX-, OX- en TOX-metingen. Ingangseisen zijn een minimumleeftijd van 18 jaar en een VCA-diploma of gelijkwaardig. Het diploma is drie jaar geldig.

Hoe vaak meten?

Vrijgavemeting

De eerste meting gebeurt voordat iemand de ruimte betreedt. Meet op meerdere hoogtes en plekken, omdat gassen die zwaarder of lichter zijn dan lucht zich op verschillende niveaus kunnen ophopen.

Continu meten

Volandis stelt dat continu gemeten moet worden als er gevaar bestaat voor verstikking, bedwelming of vergiftiging. Dat geldt ook bij:

  • Las- en snijwerkzaamheden
  • Werken met oplosmiddelen
  • Kans op ontsnappende gassen of dampen uit restmateriaal of roestlagen
  • Aanwezigheid van gevaarlijke stoffen

Zonder ademhalingsbescherming mag de ruimte alleen betreden worden als vaststaat dat de concentraties niet veranderen. Draagbare meters met een geluids- en lichtalarm worden aanbevolen.

Meetapparatuur: sensoren, bumptest en kalibratie

Soorten sensoren

In de opleiding Gasmeten komen onder meer aan bod:

  • Katalytische sensoren
  • Infraroodsensoren
  • PID-sensoren (fotoionisatie)
  • Elektrochemische sensoren
  • Gasdetectiebuisjes

Elke sensor heeft eigen sterke punten en beperkingen. Een deskundige weet welke meter bij welke stof past.

Bumptest en kalibratie

Een bumptest is een korte functietest: de sensor wordt blootgesteld aan testgas om te zien of de meter binnen een marge alarmeert. Dräger adviseert een bumptest vóór gebruik en minstens eenmaal per werkdag.

Bij kalibratie wordt de uitlezing exact afgesteld op het testgas. Volgens Dräger gebeurt dat doorgaans eens per halfjaar. Een bumptest vangt niet elk defect af, dus een visuele controle van display en behuizing blijft nodig.

Meetresultaten vastleggen

Leg elke meting vast: tijdstip, meetpunt, gemeten waarden, gebruikte meter en naam van de meter. Op veel sites gebeurt dat op of bij de werkvergunning. De vergunning bevat volgens Volandis ook afspraken over zuurstof- en gasmetingen.

Registratie maakt zichtbaar of waarden tijdens de dag veranderen. Stijgt de LEL-waarde of daalt het zuurstofgehalte, dan is dat een signaal om het werk te stoppen en de oorzaak te zoeken. Na een onderbreking of ploegwissel wordt opnieuw gemeten voordat het werk hervat.

Veelgemaakte fouten bij gasmeten

  • Alleen bij de opening meten. De lucht bij het mangat zegt weinig over de lucht onderin een tank.
  • Meter niet getest. Zonder bumptest weet u niet of de sensoren reageren.
  • Eén meting voor de hele dag. Omstandigheden veranderen door het werk zelf, bijvoorbeeld door lassen of het losmaken van aanslag.
  • De verkeerde sensor voor de stof. Niet elke multigasmeter detecteert elke giftige stof.

Wat u als opdrachtgever regelt

  • Een deskundige gasmeter met geldig diploma
  • Een werkende, gecontroleerde multigasmeter met actuele kalibratie
  • Afspraken in de werkvergunning over meetmomenten en grenswaarden
  • Een mangatwacht die permanent bij de toegang blijft
  • Een plan voor wat er gebeurt bij een alarm: wie stopt het werk, wie alarmeert

Brandwacht of veiligheidspersoneel nodig?

Safe Recruitment levert gasmeters en mangatwachten voor werk in besloten ruimten op industriële sites in de Rotterdamse haven. Bekijk gasmeten of Neem contact op.

Veelgestelde vragen

Welke zuurstofwaarde is veilig in een besloten ruimte?

Volgens het advies van Volandis moet de zuurstofconcentratie tussen 18 en 21 volumeprocent liggen voordat de ruimte betreden wordt. Te weinig zuurstof geeft verstikkingsgevaar, te veel verhoogt het brandgevaar.

Wat betekent 10% LEL?

LEL is de onderste explosiegrens van een brandbaar gas of damp. Volandis hanteert als voorwaarde voor betreden dat de concentratie lager is dan 10 procent van die onderste explosiegrens.

Wie mag gasmeten bij een besloten ruimte?

Een deskundige, zoals een gasmeetdeskundige, veiligheidskundige of arbeidshygiënist. Pas als de deskundige aangeeft dat er geen gevaar is, mag de ruimte in.

Is één meting voor het betreden genoeg?

Vaak niet. Bij gevaar voor verstikking, bedwelming of vergiftiging, bij las- en snijwerk en bij werken met oplosmiddelen moet volgens Volandis continu gemeten worden.

Wat is een bumptest?

Een korte functietest waarbij de sensoren worden blootgesteld aan testgas om te controleren of de meter alarmeert. Dräger adviseert dit vóór gebruik en minstens eenmaal per werkdag; kalibratie gebeurt periodiek.

Brandwacht nodig?

Morgen al iemand op uw site? Bel of app ons.